Société Générale Private Banking

Rente- en deviezenmarkten

De voorraadheropbouw in de VS minderde tijdens de eerste
helft van 2010 al wat vaart, maar droeg uiteindelijk tijdens het
eerste kwartaal toch weer stevig bij tot de groei. De arbeidsmarkt
heeft er intussen de bocht gemaakt. Tijdens de eerste
vijf maanden van 2010 kwamen er een half miljoen jobs bij in
de privésector en nog eens zoveel bij de overheid. Dit is net
genoeg om de aangroei van de arbeidsmarkt in te halen
waardoor de werkloosheidsgraad stabiliseerde tot licht daalde.
Hierdoor kon het consumentenvertrouwen zich stilaan
voorzichtig los maken van zijn lage niveaus. Een verder herstel
hierin is een voorwaarde voor het hernemen van de privéconsumptie
eens het voorraadherstel uitgewerkt is.
De eurozone zette eveneens voor het derde opeenvolgende
kwartaal een positieve groei neer in het eerste kwartaal van
dit jaar. Het groeiritme was echter merkelijk lager dan in de
VS en was ook vrij verspreid in de volledige zone. Zo konden
de kernlanden als Duitsland, Frankrijk, Nederland reeds drie
tot vier kwartalen van positieve groei neerzetten terwijl de
meeste mediterrane landen nog met de recessiegrens flirtten.
De escalerende schuldencrisis in Griekenland plaatste in
Europa niet enkel een verhoogde aandacht op de schuldgraad
en begrotingstekort, maar ook op de toekomstige
budgettaire veerkracht om de overheidsfinanciën terug in
evenwicht te brengen. Dit leidde tot grootse saneringsplannen
die de toekomstige groei verder kunnen beknotten. In
die context worden de groei- en inflatieverwachtingen voor
Europa terug verlaagd.
Niettegenstaande het verder macroherstel groeide in de financiële
markten tijdens de eerste jaarhelft de argwaan tegenover
het verdere economisch potentieel. De volatiliteit

trok aan in alle deelmarkten en bereikte een hoogtepunt begin
mei. Het Europese reddingsplan waarbij tot 750 mld EUR
kan ingezet worden om overheden uit de eurozone in moeilijkheden
te ondersteunen, kalmeerde de markten voor een
belangrijk deel. Ook de intentie van de ECB om staatsleningen
van euroleden onder druk op te kopen, bracht een opluchting
tot stand.
Niettemin bleven de interbancaire rente en overheidsrente in
de geldmarkt uit elkaar evolueren en groeide het aantal depots
van banken bij de ECB ook verder aan. Dit duidt duidelijk
op een nieuw groeiend wantrouwen binnen de banksector.
Het uitblijven van een opwaartse renteactie door de ECB
en zeer geringe inflatieverwachtingen op korte termijn, maakten
obligaties van de kernlanden terug interessant. Hierdoor
daalde de Duitse 10-jarige rente tot een nieuw dieptepunt op
2,50%. Bij de mediterrane en andere verdachte eurolanden
blijft de rentespread met Duitsland onder lichte opwaartse
druk en slaagt de herfinanciering van schuld meestal slechts
mits een iets royalere rentevergoeding. Door het slinkende
vertrouwen in de cohesie van de eurozone viel de euro in de
deviezenmarkten fors terug. De EUR/USD evolueerde van
1,5134 naar 1,1923.
We gaan de tweede jaarhelft in met een blijvende diversificatie
buiten de euro in USD, SEK, NOK, CHF en GBP. We blijven
vooral gepositioneerd in de kernlanden van Europa maar
zullen het gewicht in Belgische staatsleningen terug verhogen
als ons rentevoordeel tegenover Duitsland boven de
100bp uitstijgt. Bedrijfsobligaties blijven hun overweging behouden.

 

Jan Deprez - 01.07.10